Wapenverlof voor de schietsport in België

Deze gids beschrijft de weg naar een sportwapen in België: de sportschutterslicentie, de voorlopige fase en de proeven, de schietbeurten die haar geldig houden, de vergunning van de gouverneur, hoeveel wapens je mag hebben en hoe je ze bewaart, en wat er gebeurt als je stopt. Bij elke eis staat het artikel waaruit die komt.

Hier komen twee rechtslagen samen. De federale Wapenwet / loi sur les armes van 8 juni 2006 bepaalt wie een wapen voorhanden mag hebben, via de provinciegouverneur. Sport is een bevoegdheid van de taalgemeenschappen, dus de sportschutterslicentie wordt geregeld door de Vlaamse, de Franse en de Duitstalige Gemeenschap, elk in een eigen decreet, en uitgereikt door een schietsportbond.

Gecontroleerd op .

Wet
Wapenwet / Loi sur les armes (8 juni 2006)
Decreten van de Gemeenschappen
Vlaams, 11 mei 2007; Franstalig, 20 december 2011; Duitstalig, 20 november 2006
Vergunningsinstantie
De provinciegouverneur (in Brussel de hoge ambtenaar van de Brusselse agglomeratie)
Licentie uitgereikt door
De schietsportbond waarbij je vereniging is aangesloten, volgens het decreet van die Gemeenschap
Schietbeurten
Minstens 12 per jaar, geteld volgens de regels van elke Gemeenschap
Geldigheidsduur
5 jaar (Vlaams en Franstalig); één kalenderjaar, tot vijf keer verlengbaar (Duitstalig)
Duur van de vergunning
Geen einddatum; elke 5 jaar gecontroleerd
Leges vergunning
€ 134,94 per aanvraag (gouverneur van Oost-Vlaanderen, oktober 2026; elk jaar geïndexeerd)
Leeftijd
16 voor een licentie (14 voor een olympische discipline, Franstalig, of een ISSF- of IBU-discipline, Duitstalig); 18 voor een vergunning

De regels in het kort

Zes regels, elk met hun bron
Verlof
Sportschieten met een vergunningsplichtig wapen vraagt een sportschutterslicentie voor die categorie wapens, een voorlopige licentie of een ander document dat het decreet van de Gemeenschap aanvaardt. Elke Gemeenschap erkent de licenties van de andere twee.Decreet 11.05.2007, art. 8 § 1; Décret 20.12.2011, art. 6 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 3
Voorlopige licentie
Je begint met een voorlopige licentie: voor één categorie, 12 maanden geldig (Vlaams) of zes maanden met één verlenging van zes maanden (Franstalig), of voor een of meer categorieën, hoogstens 12 maanden geldig (Duitstalig). Daarmee schiet je alleen onder toezicht.Decreet 11.05.2007, art. 9 § 4; Décret 20.12.2011, art. 7 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 5
Proeven
De licentie vraagt per categorie wapens een theoretische en een praktische proef, een uittreksel uit het strafregister en een medisch attest, vanaf 16 jaar, of 14 in sommige disciplines in twee Gemeenschappen.Decreet 11.05.2007, art. 9 § 2; Décret 20.12.2011, art. 7 § 2 en 11 § 3; Dekret 20.11.2006, Art. 6
Schietbeurten
Om de licentie te behouden, toon je minstens 12 schietbeurten per jaar aan, geteld volgens de regels van je Gemeenschap: in je sportschuttersboekje in Vlaanderen en de Franse Gemeenschap, als bewijs van activiteit in de Duitstalige Gemeenschap.Decreet 11.05.2007, art. 2, 12° en 10 § 1; Décret 20.12.2011, art. 3 en 11 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 3 en 9
Vergunning
Een wapen op de lijst van sportwapens van de minister vraagt alleen de licentie. Elk ander vergunningsplichtig vuurwapen vraagt de vergunning van de gouverneur, waarvoor de licentie de wettige reden bewijst en je voor hetzelfde type wapen de proeven en het medisch attest van de vergunning bespaart.Wapenwet art. 11, 12, 2°; KB 29.12.2006, art. 2, 2°; MB 15.03.2007, art. 1
Vijfjaarlijkse controle
Een vergunning heeft geen einddatum, maar eens in de vijf jaar controleert de gouverneur of je nog aan de voorwaarden ervan voldoet. Voor een vergunning die voor het sportschieten is verleend, toon je dan een sportschutterslicentie die geldig is voor het type wapen dat je hebt (Wapenwet art. 32; KB 29.12.2006, art. 2/1).Wapenwet art. 32; KB 29.12.2006, art. 2/1

Vergunning en licentie

Twee lagen en hun raakvlakken

Elk vuurwapen dat niet verboden en niet vrij verkrijgbaar is, en een paar andere wapens die de Koning toevoegt (voor luchtwapens, zie Luchtgeweren hieronder), is vergunningsplichtig / soumise à autorisation, of je het nu houdt op een vergunning of, voor een wapen op de lijst van de minister, op je licentie (Wapenwet art. 3 § 3). De Wapenwet verbiedt een particulier zo’n vuurwapen, of de munitie ervoor, voorhanden te hebben zonder een vergunning tot het voorhanden hebben / autorisation de détention van de gouverneur van de provincie waar je woont, tenzij een uitzondering geldt. De gouverneur beslist na het advies van de lokale politiechef, en elke vergunning geldt voor één wapen (Wapenwet art. 11 § 1). In het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest beslist in plaats daarvan de hoge ambtenaar van de Brusselse agglomeratie (safe.brussels).

De sportschutterslicentie / licence de tireur sportif / Lizenz für Sportschützen is een document van de Gemeenschap, uitgereikt volgens het decreet van de Gemeenschap door de bond waarbij je vereniging is aangesloten, voor de categorieën wapens die erop staan. De twee raken elkaar op vier punten:

  • De licentie is het bewijs van de wettige reden “sportief en recreatief schieten” wanneer je een vergunning aanvraagt, en een vergunning die daarvoor wordt verleend, geldt alleen voor het gebruik van het wapen om die reden of voor historische, folkloristische, culturele of wetenschappelijke activiteiten (Wapenwet art. 11 § 3, 9° b; KB 29.12.2006, art. 2, 2°).
  • Een licentiehouder mag de wapens op de lijst van sportwapens van de minister, en de munitie ervan, zonder vergunning voorhanden hebben, voor zover de licentie het gebruik ervan dekt (Wapenwet art. 12, 2°; MB 15.03.2007, art. 1).
  • Een licentiehouder die een vergunning aanvraagt, hoeft de theoretische en praktische proef niet af te leggen voor een wapen van hetzelfde type als een waarvoor hij voor de licentie is getest, en hoeft geen medisch attest voor te leggen (Wapenwet art. 11 § 4).
  • De licentie en het recht om een wapen voorhanden te hebben zijn met elkaar verbonden. Elke bond meldt de gouverneur wie een licentie heeft: bij elke beslissing in Vlaanderen, uiterlijk op 30 april van elk jaar in de Franse Gemeenschap en vóór 30 april in de Duitstalige. De Vlaamse en Franstalige bonden melden de gouverneur ook onmiddellijk wanneer een licentie wordt ingetrokken of geschorst, en in Vlaanderen meldt de gouverneur de bond wanneer een recht om een wapen voorhanden te hebben wordt geschorst of ingetrokken. In de Duitstalige Gemeenschap schorst de Regering een licentie of trekt ze die in, en haar beslissing wordt aan de gouverneur doorgegeven (Decreet 11.05.2007, art. 16; Décret 20.12.2011, art. 20–21; Dekret 20.11.2006, Art. 11 § 2 en 13 § 1).
Wat elk wapen vraagt
WapenWat je nodig hebtBron
Op de lijst van sportwapens van de ministerEen geldige licentie voor de categorie ervan; de verkoper stuurt de gouverneur binnen acht dagen een overdrachtsformulier model 9, en de registratie is gratisWapenwet art. 12, 2°; KB 20.09.1991, art. 25 § 1; gouverneur van Oost-Vlaanderen
Elk ander vergunningsplichtig vuurwapen, zoals een halfautomatisch centraalvuurpistoolDe vergunning van de gouverneur, met de licentie als wettige redenWapenwet art. 11; KB 29.12.2006, art. 2, 2°
Een wapen dat iemand anders wettig voorhanden heeft, op de schietstandJe licentie: wie er een heeft, mag ook schieten met wapens die anderen wettig voorhanden hebbenWapenwet art. 12, tweede lid

De lijst van de minister (Ministerieel besluit van 15 maart 2007) telt zeven regels:

  • repeteerwapens langer dan 60 cm of met een loop langer dan 30 cm, behalve gladloops repeteerwapens met een loop korter dan 60 cm en pompwapens;
  • getrokken eenschotswapens langer dan 60 cm of met een loop langer dan 30 cm;
  • gladloops eenschotswapens;
  • eenschots randvuurwapens van minstens 28 cm lang;
  • dubbelloopse wapens met naast of boven elkaar geplaatste lopen, langer dan 60 cm;
  • pistolen ontworpen voor het sportschieten, in .22, met hoogstens vijf schoten;
  • wapens die alleen met zwart kruit worden geladen en waarvan het octrooi dateert van vóór 1890.

Houders van een licentie, of van een vergunning, mogen elkaar wapens lenen van een type dat de lener voorhanden mag hebben, voor de duur en op de plaats van de activiteit. Tenzij beiden aanwezig zijn, moeten ze een ondertekende en gedateerde schriftelijke overeenkomst kunnen tonen met beider namen en adressen, wat er wordt geleend en voor hoelang, en hun documenten of kopieën ervan (Wapenwet art. 12/1).

Een licentiehouder, of een vergunninghouder die voor de sport schiet, mag een wapen dragen zonder draagvergunning, maar alleen tijdens het sportschieten en met een wettige reden (Wapenwet art. 15). Houders van een licentie of een vergunning vervoeren hun wapens alleen met een wettige reden: uit het zicht en buiten gemakkelijk bereik, ongeladen met lege magazijnen, in de afgesloten kofferbak van het voertuig tenzij dat materieel onmogelijk is, ofwel in een afgesloten koffer ofwel onbruikbaar gemaakt met een trekkerslot of door een essentieel onderdeel te verwijderen, en met de munitie apart in een afgesloten koffer of tas (KB 24.04.1997, art. 15).

Je eerste verlof

Club, voorlopige licentie, proeven, licentie, wapen
  1. Word lid van een schietvereniging die bij een schietsportbond is aangesloten: de sportschutter van het Vlaamse decreet is via een vereniging lid van een bond, de Franstalige aanvrager moet aangesloten zijn bij de erkende bond, en de Duitstalige aanvrager moet lid zijn van een Schützenverein (Decreet 11.05.2007, art. 2, 8°; Décret 20.12.2011, art. 7 § 2, 2°; Dekret 20.11.2006, Art. 5).
  2. Vraag bij de bond een voorlopige sportschutterslicentie / licence provisoire / provisorische Lizenz aan, met een uittreksel uit het strafregister van hoogstens drie maanden oud, een medisch attest (Vlaams en Franstalig) en de toestemming van je ouders als je jonger bent dan 18 (BVR 01.06.2007, art. 7; Décret 20.12.2011, art. 7 § 2 en 24 § 1, 1°; AGCF 13.09.2012, art. 3; Dekret 20.11.2006, Art. 5 en 6 § 1). De Vlaamse bond reikt ze binnen 15 dagen na een volledig dossier uit (BVR 01.06.2007, art. 8 § 3).
  3. Leer schieten onder toezicht van een instructeur van de bond (Vlaams), een monitor of, als er geen op de schietstand is, een verificateur met vijf jaar ervaring (Franstalig), of een erkende baancommandant (Duitstalig). In Vlaanderen en de Franse Gemeenschap gaat elke schietbeurt in je sportschuttersboekje. In de Franse Gemeenschap schiet je minstens zes schietbeurten in zes maanden, één per maand, met hoogstens twee per maand die meetellen (Décret 20.12.2011, art. 7 § 1 en 9; AGCF 13.09.2012, art. 16 § 2). De Vlaamse licentie vraagt actief lidmaatschap, minstens zes maanden in een bond met 12 schietbeurten per jaar (Decreet 11.05.2007, art. 2, 12° en 9 § 2, 3°); de Duitstalige zes maanden als actieve sportschutter in de vereniging (Dekret 20.11.2006, Art. 6 § 1 Ziffer 2).
  4. Leg de theoretische en de praktische proef voor de categorie af (zie de proeven hieronder). In de Franse Gemeenschap leg je ze af in de laatste maand van de voorlopige licentie; zak je, dan wordt die op verzoek met zes maanden verlengd, en loopt ze af zonder licentie, dan wacht je een jaar op een nieuwe voorlopige licentie (Décret 20.12.2011, art. 10). Een Vlaamse kandidaat die zakt, kan een nieuwe voorlopige licentie aanvragen (Decreet 11.05.2007, art. 9 § 4).
  5. Ontvang de licentie voor die categorie. In de Franse Gemeenschap lever je ook de schriftelijke toestemming in van je echtgenoot of echtgenote en van elke andere meerderjarige die bij je woont om thuis een wapen te bewaren (Décret 20.12.2011, art. 11 § 3, 4°).
  6. Koop het wapen. Een wapen op de lijst van de minister wordt geregistreerd op formulier model 9, dat de verkoper binnen acht dagen naar de gouverneur stuurt (KB 20.09.1991, art. 25 § 1). Voor elk ander vergunningsplichtig vuurwapen vraag je bij de gouverneur een vergunning aan, model 4, met een kopie van je licentie, de ondertekende toestemming van elke meerderjarige met wie je samenwoont en een uittreksel uit het strafregister van hoogstens drie maanden oud (Wapenwet art. 11 § 3; gouverneur van Oost-Vlaanderen). De gouverneur beslist binnen vier maanden na ontvangst van de aanvraag, een termijn die eenmaal met ten hoogste zes maanden kan worden verlengd (Wapenwet art. 31). Met de vergunning mag je het wapen binnen drie maanden na afgifte kopen of invoeren; doe je dat niet, dan vervalt ze en moet ze binnen acht dagen naar de gouverneur terug (KB 20.09.1991, art. 10).

Er is een tweede weg, zonder licentie: vraag meteen een vergunning aan. Na de theoretische proef kan de procedure tot een jaar worden opgeschort, en met het gedateerde attest dat de gouverneur je geeft, mag je op een erkende schietstand oefenen voor de praktische proef, met een wapen en munitie die daar voor dat doel ter beschikking worden gesteld. Tegen het einde van dat jaar moet je de praktische proef halen, anders wordt de vergunning geweigerd (KB 20.09.1991, art. 9bis § 1; gouverneur van Oost-Vlaanderen).

De landenpagina heeft een deel over de Royal Belgian Shooting Sport Federation (RBSSF) en de Belgische kaarten die Shooter scoort.

De proeven

Theorie en praktijk, per categorie

Elke Gemeenschap legt haar eigen proeven vast, die je één keer aflegt voor elke categorie wapens op de licentie. De Vlaamse categorieën zijn revolvers, pistolen, gladloopse lange wapens, getrokken lange wapens en zwartkruitwapens; de Franstalige en Duitstalige zijn korte wapens, getrokken lange wapens, gladloopse lange wapens en zwartkruitwapens (Decreet 11.05.2007, art. 6; Décret 20.12.2011, art. 2; Erlass 23.05.2007, Art. 2).

De proeven per Gemeenschap
GemeenschapTheoretische proefPraktische proefBron
VlaamsMeerkeuzevragen over de regels voor sportschutters en over het voorhanden hebben, vervoeren, gebruiken en bewaren van de wapens van de categorie en hun munitie; 60 % om te slagen; één herkansing binnen de voorlopige licentieLaden, ontladen, veilig maken, schieten en demonteren voor onderhoud, hantering op de schietstand, gebruik van het vizier, beheersing van terugslag en richting; elke handeling veilig om te slagen; één herkansing binnen de voorlopige licentieDecreet 11.05.2007, art. 9 § 2; BVR 01.06.2007, art. 3 § 4–5
FranstaligTien meerkeuzevragen over de wapenwet en de regels voor sportschutters; 60 % om te slagen, een fout antwoord kost een punt; herkansing ten vroegste een maand laterMinstens vijf patronen, beoordeeld op veiligheid en techniek; drie fouten, één veiligheidsfout of het niet halen van het voor de proef vastgestelde minimum betekent zakken; herkansing ten vroegste een maand laterDécret 20.12.2011, art. 11 § 3; AGCF 13.09.2012, art. 8–9
DuitstaligSchriftelijk, over de wapenwet, het decreet en de artikelen over wettige verdediging in het Strafwetboek, waarvan de vragen knock-outvragen zijn; twee derde goed om te slagenVeiligheidsregels, ballistiek, een schietproef en storingen, voor een jury met een vertegenwoordiger van een lokale politiezone, van een bond en van de RegeringDekret 20.11.2006, Art. 6 § 1; Erlass 23.05.2007, Art. 4–6

Het Duitstalige besluit noemt nog de artikelen 416 en 417 van het Strafwetboek van 1867, de artikelen over wettige verdediging, die het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026 heeft vervangen (Erlass 23.05.2007, Art. 4).

Heb je al een vergunning voor een wapen van dezelfde categorie, dan ben je vrijgesteld van beide Vlaamse proeven voor die categorie (Decreet 11.05.2007, art. 9 § 3); een vergunning, of een licentie voor een andere categorie, stelt je vrij van de Franstalige theoretische proef (AGCF 13.09.2012, art. 10). Omgekeerd stelt een licentie je vrij van de proeven van de vergunning voor een wapen van het type waarop je bent getest, en een theoretische proef die voor een eerdere vergunning is gehaald, telt twee jaar (Wapenwet art. 11 § 4).

Schietbeurten om de licentie te behouden

12 per jaar, drie telwijzen

Elke Gemeenschap vraagt regelmatig schieten en controleert dat elk jaar. Vlaanderen en de Franse Gemeenschap leggen het vast in het sportschuttersboekje / carnet de tir sportif; het Duitstalige decreet vraagt bewijs van activiteit en noemt geen boekje. Een licentie die tekortschiet, wordt ingetrokken of verliest haar geldigheid, en een vergunning die voor het sportschieten is verleend, steunt bij haar vijfjaarlijkse controle op een geldige licentie.

Hoeveel je moet schieten
GemeenschapEisWat als schietbeurt teltBron
Vlaams12 schietbeurten per jaar, op minstens 12 dagen en in minstens twee kwartalen, na zes maanden bij een bondSchieten met een vergunningsplichtig wapen, lijstwapens inbegrepen, op een schietstand, in een schietbeurt die een vereniging organiseert, zoals het register van de schietstand toontDecreet 11.05.2007, art. 2, 10° en 12°; art. 14
Franstalig12 séances (schietbeurten) per jaar voor de eerste categorie, gespreid over minstens drie kwartalen; 3 extra voor de andere categorieën samen, minstens één in elke, ook gespreid over minstens drie kwartalenEen trainingssessie met een vergunningsplichtig wapen, afgetekend door een monitor of verificateur: minstens 30 patronen met een kort wapen of geweer, 25 kleiduiven met een gladloops wapen, 13 schoten met zwart kruit. Een provinciale, regionale, nationale of internationale wedstrijd telt als éénDécret 20.12.2011, art. 1, 5° en 3; AGCF 13.09.2012, art. 16 § 1
Duitstalig12 Schießübungen (schietoefeningen) per kalenderjaar; de jaarlijkse verlenging vraagt bewijs van die activiteit in elke wapencategorieEen oefening die een bond of vereniging organiseertDekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 3 en 9
  • Vlaams: uiterlijk op de verjaardag van de licentie voor je eerste categorie geef je de bond een kopie van je sportschuttersboekje waaruit blijkt dat je actief lid bent, en een getuigschrift van goed gedrag en zeden van hoogstens drie maanden oud. Doe je dat niet, dan begint de bond met de intrekking van de licentie (BVR 01.06.2007, art. 4). Het boekje vermeldt de organiserende vereniging, de datum en plaats, en de categorie wapen (BVR 01.06.2007, art. 12).
  • Franstalig: in de maand vóór elke verjaardag van de licentie stuur je de bond een kopie van je sportschuttersboekje waaruit regelmatig schieten in elke categorie blijkt, met een uittreksel uit het strafregister van hoogstens drie maanden oud. Zonder de kopie van het boekje is de licentie niet langer geldig voor die categorie (Décret 20.12.2011, art. 11 § 1; AGCF 13.09.2012, art. 15). Elke schietbeurt wordt ingeschreven met de datum, de plaats, en de stempel en handtekening van de monitor of verificateur (AGCF 13.09.2012, art. 15).
  • Duitstalig: de licentie loopt tot 31 december en wordt elk jaar verlengd op bewijs van lidmaatschap van een vereniging en van je activiteit in elke categorie (Dekret 20.11.2006, Art. 8–9).

In de Franse Gemeenschap kun je de bond om een onderbreking van hoogstens zes maanden vragen, die tijdens een licentie twee keer kan worden verlengd of hernieuwd. Tijdens een toegestane onderbreking wordt voor elke categorie één schietbeurt per maand geteld (Décret 20.12.2011, art. 15; AGCF 13.09.2012, art. 17). De Vlaamse en Duitstalige regels die voor deze gids zijn gelezen, kennen zo’n onderbreking niet.

De vergunning heeft voor een licentiehouder geen eigen aantal schietbeurten: bij de vijfjaarlijkse controle is een licentie die geldig is voor het type wapen het bewijs (KB 29.12.2006, art. 2/1). Een vergunninghouder zonder licentie die recreatief schiet, toont minstens vijf schietbeurten in elk kalenderjaar en 50 over de vijf kalenderjaren vóór de controle (KB 29.12.2006, art. 2/1, 2°).

Verlenging en vijfjaarcontrole

Licentie 5 jaar; vergunning elke 5 jaar getoetst
Geldigheid en verlenging
DocumentDuurVerlengingBron
Vlaamse licentieVijf jaar vanaf de uitreiking voor de eerste categorie, elk jaar gevalideerdVraag minstens een maand voor het verstrijken aan, met een kopie van je sportschuttersboekje, en een getuigschrift van goed gedrag en zeden en een medisch attest van hoogstens drie maanden oud; geen nieuwe praktische proef, en de theoretische proef pas opnieuw na een ingrijpende wijziging van de regelsDecreet 11.05.2007, art. 9 § 2, 7° en 10; BVR 01.06.2007, art. 2 en 5
Franstalige licentieVijf jaar, elk jaar gecontroleerdIn de laatste maand van de geldigheid: je sportschuttersboekje met regelmatig schieten voor elk jaar, een uittreksel uit het strafregister en een medisch attestDécret 20.12.2011, art. 11 § 1 en 13
Duitstalige licentieTot 31 december van het jaar van uitreiking, jaarlijks verlengd tot vijf keer, hoogstens vijf jaarDaarna vernieuwd op bewijs van lidmaatschap en activiteit, een getuigschrift van goed gedrag en zeden en een medisch attestDekret 20.11.2006, Art. 8–10
Vergunning van de gouverneurGeen einddatumElke vijf jaar controleert de gouverneur of je nog aan de voorwaarden voldoetWapenwet art. 32; KB 29.12.2006, art. 2/1

Een categorie die later aan een licentie wordt toegevoegd, loopt alleen tot het einde van de looptijd van de eerste licentie (Decreet 11.05.2007, art. 10 § 1; Décret 20.12.2011, art. 11 § 2).

Een vergunning heeft geen einddatum, maar eens in de vijf jaar controleert de gouverneur of je nog aan de voorwaarden ervan voldoet. Voor een vergunning die voor het sportschieten is verleend, toon je dan een sportschutterslicentie die geldig is voor het type wapen dat je hebt (Wapenwet art. 32; KB 29.12.2006, art. 2/1).

De wet legt de leges voor het aanvragen of vernieuwen van een vergunning vast op een vast bedrag voor alle vergunningen op naam van dezelfde persoon: 85 euro tegen de index van november 2006, elk jaar geïndexeerd, en niet terugbetaald als de aanvraag wordt geweigerd (Wapenwet art. 51, 1°, 53 en 55). Het kabinet van de gouverneur van Oost-Vlaanderen vraagt € 134,94 per aanvraag, en zegt dat er voor de vijfjaarlijkse controle kosten worden aangerekend, zonder het bedrag te noemen.

Een Vlaamse bond mag hoogstens 100 euro aanrekenen voor een licentie van vijf jaar, 50 voor een voorlopige licentie en 50 voor elke proef, bedragen die elk jaar aan de gezondheidsindex worden aangepast (BVR 01.06.2007, art. 19). De Franstalige en Duitstalige regels die voor deze gids zijn gelezen, leggen geen kosten voor de licentie vast.

Hoeveel wapens

Geen maximum; per wapen een vergunning

Geen enkele Belgische regel die voor deze gids is gelezen, legt een maximumaantal wapens voor een sportschutter vast. Elke vergunning geldt voor één wapen, en het type wapen moet passen bij de reden die ervoor is opgegeven (Wapenwet art. 11 § 1 en § 3, 9°). Bij de vijfjaarlijkse controle moet de licentie geldig zijn voor het type wapen dat je hebt (KB 29.12.2006, art. 2/1).

Wat met het aantal verandert, is de bewaring. De bewaarregels tellen elk vergunningsplichtig wapen, ook lijstwapens die op een licentie worden gehouden; ze worden strenger bij 6 en bij 11 wapens, en de niveaus voor de particuliere bezitter houden op bij 30 (zie bewaring hieronder). Een particuliere verzameling of opslag van meer dan 30 vergunningsplichtige vuurwapens valt in klasse G van het bewaringsbesluit (KB 24.04.1997, art. 1, 9° en 5, 8°).

Bewaring

Volgens aantal wapens

Altijd: wapens ongeladen, wapens en munitie buiten het bereik van kinderen en niet samen bij de hand, en niets buiten de plek dat laat zien dat er wapens of munitie worden bewaard (KB 24.04.1997, art. 11 § 2). Verder, naar het aantal vergunningsplichtige wapens dat je bewaart, lijstwapens inbegrepen:

  • 1 tot 5: minstens een van deze: een trekkerslot, een onderdeel waarzonder het wapen niet werkt verwijderen en apart bewaren, of een ketting aan een vast punt (KB 24.04.1997, art. 11 § 3).
  • 6 tot 10: een afsluitbare wapenkast van stevig materiaal die niet makkelijk kan worden opengebroken en niet laat zien wat erin zit (KB 24.04.1997, art. 11 § 4).
  • 11 tot 30: een speciaal daarvoor gebouwde wapenkluis met een sleutel-, cijfer- of biometrisch slot, in een ruimte waarvan de deuren en ramen behoorlijk zijn afgesloten, met de sleutels veilig en buiten het bereik van anderen bewaard (KB 24.04.1997, art. 11 § 5).

Andere maatregelen mogen worden gebruikt als ze even veilig zijn, wat de inspectie beoordeelt (KB 24.04.1997, art. 10). Het Vlaamse decreet voegt toe dat een sportschutter wapens en munitie gescheiden bewaart, in een afgesloten kast of een afgesloten ruimte, buiten het bereik van kinderen en onbevoegden (Decreet 11.05.2007, art. 4). Meld het verlies of de diefstal van een vergunningsplichtig wapen meteen aan de lokale politie (Wapenwet art. 10).

Luchtwapens, jacht, verzamelaars

Andere wegen, en schieten zonder licentie
  • Luchtwapens: zie Luchtgeweren hieronder.
  • Recreatieve schutters: een vergunning kan zonder licentie worden verleend voor sport- of recreatief schieten, op schriftelijk bewijs van schieten; bij de vijfjaarlijkse controle minstens vijf schietbeurten in elk kalenderjaar en 50 over vijf jaar (KB 29.12.2006, art. 2, 2° en 2/1, 2°). Het Franstalige en het Duitstalige decreet aanvaarden een vergunning van de gouverneur als document voor het sportschieten (Décret 20.12.2011, art. 6 § 1, 5°; Dekret 20.11.2006, Art. 3).
  • Eén dag per jaar: een meerderjarige mag één keer per jaar op een erkende schietstand een vergunningsplichtig wapen voorhanden hebben, met een dagkaart die de schietstand opmaakt (Wapenwet art. 12, 5°; gouverneur van Oost-Vlaanderen). Het Duitstalige decreet aanvaardt de dagkaart voor het sportschieten (Dekret 20.11.2006, Art. 3).
  • Jacht: een houder van een jachtverlof mag de lange wapens die voor de jacht zijn toegestaan, zonder vergunning voorhanden hebben waar dat verlof geldig is (Wapenwet art. 12, 1°).
  • Verzamelaars: het aanleggen van een verzameling historische wapens is een eigen wettige reden, en zulke wapens worden voorhanden gehouden zonder ze te gebruiken tot de verzameling erkend is (Wapenwet art. 11 § 3, 9° e; KB 29.12.2006, art. 2, 5°).

Luchtgeweren

Verlofvrij bij elk vermogen, verkocht vanaf 18
Verlofvrij
Een luchtgeweer is een niet-vuurwapen / arme non à feu (geen wapen dat door buskruit of een slaghoedje wordt voortgedreven), dus vrij verkrijgbaar / en vente libre tenzij een bijzondere regel geldt. Een lang luchtwapen, van meer dan 60 cm of met een loop van meer dan 30 cm, is bij elk vermogen vrij verkrijgbaar, zo bevestigt de omzendbrief van de minister van Justitie; het vraagt geen vergunning van de gouverneur en geen sportschutterslicentie van de Gemeenschap, al noemen de Franstalige en Duitstalige besluiten luchtgeweer en luchtpistool 10 m als disciplines.Wapenwet art. 2, 10° en 12°; art. 3 § 2, 1° en § 3; KB 30.03.1995, art. 3; Omzendbrief 25.10.2011, 3.2.2; Decreet 11.05.2007, art. 8 § 1; Décret 20.12.2011, art. 6 § 1; AGCF 13.09.2012, art. 2; Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 6–7, Art. 3 en 4.1; Erlass 23.05.2007, Art. 2
Leeftijd
Niemand mag een luchtwapen verkopen aan een particulier onder 18, en het mag pas worden overgedragen als wie het verkrijgt een identiteitskaart of paspoort heeft getoond. De FOD Justitie / SPF Justice (het federale ministerie van Justitie) stelt dat het kopen of verkrijgen van elk vrij verkrijgbaar wapen behalve een blank wapen voorbehouden is aan meerderjarigen, en dat wie er een overhandigt de identiteitskaart van de ander moet controleren.Wapenwet art. 19, 2°; KB 30.03.1995, art. 2 en 4; FOD Justitie, Vrij verkrijgbare wapens
Jongere schutters
De wapenwet noemt geen leeftijd voor het voorhanden hebben of schieten met een vrij verkrijgbaar luchtwapen. In de sport gelden de regels van de drie Gemeenschappen voor jonge schutters ook voor luchtwapens, zoals de tabel hieronder uiteenzet, al passen de Vlaamse instructeursregel en de Duitstalige definitie niet precies op luchtwapens.Wapenwet art. 11 § 3, 1° en 19, 2°; Decreet 11.05.2007, art. 2, 5°, art. 5 en 6; Décret 20.12.2011, art. 24 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 10 en Art. 4
Kopen en verkopen
Gewoonlijk handel drijven in luchtwapens vraagt de goedkeuring van de gouverneur als wapenhandelaar / armurier, speelgoedwinkels inbegrepen, aldus het ministerie. Een luchtwapen verkopen, aanbieden of overdragen is verboden op een openbare markt, een beurs / bourse of een andere plaats zonder vaste inrichting, behalve bij een openbare verkoop door een deurwaarder of notaris of, voor vrij verkrijgbare wapens, een beurs die de minister van Justitie toestaat; hetzelfde geldt voor het organiseren van verkoop op afstand aan particulieren. Het ministerie sluit ook postorderverkoop en onlineverkoop, onlineaankoop, en verkoop en prijzen op kermissen uit.Wapenwet art. 2, 1°; art. 5 § 1; art. 19, 1° en 5°; KB 30.03.1995, art. 2; FOD Justitie, Vrij verkrijgbare wapens
Waar je mag schieten
De wapenwet zegt niet waar met een luchtwapen mag worden geschoten, en onder die wet heeft een schietbaan uitsluitend voor lucht geen goedkeuring nodig: de schietstand / stand de tir is voor vuurwapens. Elders beslissen gemeenten bij gemeentelijk politiereglement, uitgevaardigd onder de Nieuwe Gemeentewet voor properheid, gezondheid, veiligheid en rust op openbare plaatsen. Schieten op dieren valt onder het jacht-, natuurbehouds- en dierenwelzijnsrecht van de Gewesten, dat deze gids niet behandelt.Wapenwet art. 2, 19° en 20; Omzendbrief 25.10.2011, 2.1 en 8.1.1; Nieuwe Gemeentewet art. 119 en 135 § 2; Bijzondere wet 8.08.1980, art. 6 § 1, III, 2° en 5°, en XI
Brussel
In Brussel bijvoorbeeld verbiedt het reglement dat de 19 gemeenten gemeen hebben het gebruik van een luchtwapen zonder toestemming van de bevoegde overheid in de openbare ruimte, op voor het publiek toegankelijke plaatsen en op privéterrein waar het de openbare veiligheid kan bedreigen, behalve op erkende schietbanen en kermisschiettenten. Het geldt vanaf 16 (14 in Koekelberg, Sint-Agatha-Berchem en Etterbeek). Administratieve boetes lopen op tot 500 euro, of 175 voor een minderjarige; het wapen wordt in beslag genomen en kan, bij administratieve inbeslagname, worden vernietigd.Règlement général de police commun aux 19 communes bruxelloises, art. 1 § 1, 2, 4 § 2 en 43
Dragen
Een vrij verkrijgbaar wapen dragen, luchtgeweren en wapens die erop lijken inbegrepen, is alleen toegestaan aan wie een wettige reden / motif légitime kan aantonen. De wet definieert die reden niet. De omzendbrief van de minister van Justitie laat het laatste woord aan de rechters en verwacht dat zij wegen hoe geschikt het wapen is voor de activiteit en hoe verantwoord die wordt uitgeoefend.Wapenwet art. 9; Omzendbrief 25.10.2011, 3.3.6
Wat als dragen telt
Volgens de omzendbrief is dragen: het wapen vasthouden, bij je hebben, ook in een tas of koffer, binnen handbereik en klaar voor onmiddellijk gebruik hebben, of gebruiken, op of in het zicht van een openbare weg of plaats, zoals binnen handbereik in een auto of in een tuin die vanaf zo’n weg of plaats zichtbaar is, maar niet binnenshuis. Het vervoersbesluit noemt geen vrij verkrijgbaar luchtwapen: de regels ervan zijn voor vergunninghouders, wie daarvan vrijgesteld is (onder wie houders van een sportschutterslicentie of een jachtverlof) en wie een vrij verkrijgbaar vuurwapen vervoert.Omzendbrief 25.10.2011, 10.1; KB 24.04.1997, art. 15 § 1; Wapenwet art. 12
Bewaring
De federale bewaarmaatregelen (zie het onderdeel Bewaring) gelden voor vergunningsplichtige wapens: een kort luchtwapen dat een vergunning vraagt, niet een vrij verkrijgbaar wapen. In Vlaanderen bewaart een sportschutter (lid van een bond via een vereniging) wapens en munitie gescheiden van elkaar, in een afgesloten kast of afgesloten ruimte, buiten het bereik van kinderen en onbevoegden; de regel noemt geen soort wapen, dus hij geldt ook voor luchtwapens.KB 24.04.1997, art. 1, 9°, 10 en 11; Decreet 11.05.2007, art. 2, 8° en art. 4
Korte luchtwapens
Een kort lucht- of gaswapen dat repeterend, halfautomatisch of automatisch is of op een vuurwapen lijkt en meer dan 7,5 joule afvuurt op 2,5 m van de loopmonding, is vergunningsplichtig en vraagt de vergunning van de gouverneur (zie Vergunning en licentie). Een sportpistool blijft vrij verkrijgbaar met een vizierlijn van meer dan 300 mm, een gewicht van meer dan 1 kg, in zij- en hoogterichting verstelbaar vizier, kaliber 4,5 mm (.177) en hoogstens vijf schoten.KB 30.03.1995, art. 3 en 4; Wapenwet art. 2, 9° en 11; Omzendbrief 25.10.2011, 3.3.2
Geluiddempers
De wapenwet maakt een vuurwapen met een geluiddemper / silencieux, en een geluiddemper op zichzelf, tot een verboden wapen, en de omzendbrief van de minister van Justitie voegt toe dat dit ook geldt als hij in het wapen is ingebouwd. Of dat ook een geluiddemper voor een luchtwapen omvat, is in de voor deze gids gelezen teksten niet vastgesteld, dus vraag het aan de wapendienst van je gouverneur (in Brussel safe.brussels).Wapenwet art. 3 § 1, 15°; Omzendbrief 25.10.2011, 3.1.1
Straffen
Het opzettelijk overtreden van deze federale regels, zoals een luchtwapen verkopen aan iemand onder 18 of er een dragen zonder wettige reden, is een misdrijf met een straf van niveau 3, meer dan drie en tot vijf jaar gevangenis en eventueel een geldboete tot 200.000 euro (zie Als je stopt of tekortschiet); de rechter beveelt de verbeurdverklaring van het wapen van de dader. De wet straft handel zonder goedkeuring op niveau 4, tot tien jaar gevangenis; het koninklijk besluit over lucht- en gaswapens brengt handelaars in luchtwapens onder die goedkeuring.Wapenwet art. 5 § 1, 9, 19, 2°, 23 en 48; KB 30.03.1995, art. 2 en 4; Strafwetboek art. 36 en 53 § 2
Jonge schutters met luchtwapens, per Gemeenschap
GemeenschapToestemming en toezichtLeeftijdBron
VlaamsSchriftelijke toestemming van de ouders of wettelijke vertegenwoordigers, en een volwassen instructeur aangesteld door de bond, met een licentie voor de categorie van het wapen en, voor een olympische discipline zoals luchtgeweer 10 m, minstens een initiatordiploma daarin van of erkend door de Vlaamse Trainersschool. De categorieën omvatten alleen vergunningsplichtige wapens, dus het decreet zegt niet welke licentie een instructeur voor luchtwapens nodig heeftDe leeftijd van 16 in het decreet geldt voor vergunningsplichtige wapensDecreet 11.05.2007, art. 2, 5° en 13°; art. 5–7
FranstaligSchriftelijke machtiging van de wettelijke vertegenwoordigers, en het voortdurende toezicht van een volwassene met minstens twee jaar regelmatig sportschieten, die in één sessie op hoogstens drie minderjarigen mag toezien; wie toezicht houdt op minderjarigen geeft de bond om de vijf jaar een uittreksel uit het strafregister (model 2)Vanaf 8, met mechanische hulpmiddelen en steunenDécret 20.12.2011, art. 24 § 1; AGCF 13.09.2012, art. 20
DuitstaligAlleen onder toezicht en leiding van een erkende baancommandant (een Schießmeister of Schießleiter met een kaart van de bevoegde overheden); toestemming wordt alleen gevraagd voor een licentie of voorlopige licentie (Art. 5–6). De regel noemt frei verkäufliche Waffen (vrij verkrijgbare wapens), die het decreet definieert als vuurwapens, maar het besluit rangschikt luchtgeweer en luchtpistool onder die term, dus de regel wordt gelezen als geldend voor luchtwapensDe leeftijden van 16 en 14 in het decreet gelden voor de licentieDekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 8 en 10, Art. 4–6; Erlass 23.05.2007, Art. 2

Meer over luchtgeweren op de Shooter-blog

Onder 18

Licentie 16 of 14 jaar; vergunning vanaf 18

De licentie begint bij 16 in alle drie de Gemeenschappen. De Franse Gemeenschap staat haar toe vanaf 14 voor een categorie in een olympische discipline, de Duitstalige Gemeenschap voor een ISSF- of IBU-discipline (Decreet 11.05.2007, art. 7; Décret 20.12.2011, art. 7 § 2, 1°; Dekret 20.11.2006, Art. 6 § 2). Een minderjarige heeft de toestemming van de ouders nodig en schiet onder toezicht: een instructeur van de bond met een licentie voor de categorie (Vlaams), een volwassene die minstens twee jaar een licentie heeft (Franstalig, met een vergunningsplichtig wapen), of een erkende baancommandant (Duitstalig) (Decreet 11.05.2007, art. 5; Décret 20.12.2011, art. 24 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 4–6).

Een vergunning is alleen voor meerderjarigen (Wapenwet art. 11 § 3, 1°). Het Franstalige decreet zegt uitdrukkelijk dat de licentie van een minderjarige noch het voorhanden hebben noch de aankoop van een vergunningsplichtig wapen toestaat (Décret 20.12.2011, art. 24 § 2).

Luchtwapens onder 18: zie Luchtgeweren hierboven.

Stoppen of tekortschieten

Licentie vervalt; lijstwapens drie jaar

Een licentie waarvan de voorwaarden niet worden vervuld, wordt ingetrokken; in de Franse Gemeenschap is ze al niet meer geldig voor een categorie waarvoor de jaarlijkse kopie van het boekje ontbreekt (Decreet 11.05.2007, art. 11 § 2; BVR 01.06.2007, art. 4; Décret 20.12.2011, art. 11 § 1 en 17 § 1, 6°; Dekret 20.11.2006, Art. 11 § 2).

Stop je met schieten, dan stuur je de licentie terug: binnen drie maanden (Vlaams) of onmiddellijk (Franstalig). In de Duitstalige Gemeenschap stuur je ze onmiddellijk terug zodra je geen actieve sportschutter meer bent, dat wil zeggen als je geen 12 oefeningen per kalenderjaar meer schiet. Een Vlaamse of Duitstalige schutter die haar houdt, verliest het recht om haar te laten vernieuwen of verlengen (Decreet 11.05.2007, art. 10 § 2; Décret 20.12.2011, art. 16 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 3 en 11 § 1). In de Franse Gemeenschap doorloopt een nieuwe licentie, na stoppen of na een intrekking of schorsing van zes maanden of langer, opnieuw de voorlopige licentie (Décret 20.12.2011, art. 19).

Wapens van de lijst van de minister mogen na het verstrijken van de licentie drie jaar worden gehouden, maar zonder munitie, die je binnen drie maanden moet overdragen. Wie de sport weer opneemt, stopt de klok; na de drie jaar is er voor het wapen een vergunning nodig (Wapenwet art. 13). De vergunning om het zonder munitie te houden, wordt aangevraagd binnen drie maanden na het einde van de drie jaar (Wapenwet art. 11/1 en 11/2).

Voor een wapen dat op een vergunning wordt gehouden, kan de gouverneur de vergunning beperken, schorsen of intrekken wanneer de wettige reden niet meer bestaat, na advies van het openbaar ministerie (Wapenwet art. 11 § 1 en 32). Na een weigering, schorsing of intrekking moet het wapen binnen de termijn die de beslissing vastlegt, in bewaring worden gegeven bij of overgedragen aan een erkend persoon (zoals een erkende wapenhandelaar) of iemand die het voorhanden mag hebben (Wapenwet art. 18). Je kunt in beroep gaan bij de minister van Justitie, met een aangetekende brief aan de federale wapendienst binnen 15 dagen (Wapenwet art. 30).

Het opzettelijk overtreden van de wapenwet, of van de koninklijke en ministeriële besluiten die haar uitvoeren, is een misdrijf dat wordt bestraft met een straf van niveau 3, waaraan de rechter een geldboete tot 200.000 euro kan toevoegen (Wapenwet art. 23, vanaf 1 september 2026). De drie decreten van de Gemeenschappen stellen zelf geen strafsanctie; ze werken via de licentie. In het nieuwe Strafwetboek is een straf van niveau 3 een gevangenisstraf van meer dan drie tot vijf jaar, of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan twee tot vier jaar, vervangen door een straf van niveau 2 of 1 bij verzachtende omstandigheden (Strafwetboek art. 36). Een wapen uitlenen zonder de schriftelijke overeenkomst terwijl uitlener en lener niet allebei aanwezig zijn, wordt bestraft met een straf van niveau 1 met een geldboete van hoogstens 800 euro per wapen, of 2.400 euro bij kwaadwillig opzet (Wapenwet art. 23, vierde lid).

Hoe Shooter helpt

Telt de dagen die jij laat tellen

De app Shooter heeft geen Belgische standaardwaarden; hij telt tegen cijfers die jij instelt, en telt per wapen niets zolang je “Aantal schoten voor goedgekeurde sessie” en “Sessies per wapen” niet hebt ingesteld. Die twee en “Activiteitsvenster (maanden)” zijn instellingen die voor al je wapens samen gelden; alleen de “Volgende activiteitsdeadline” hoort bij een wapen, en een wapen zonder deadline wordt niet geteld. Voor elk wapen met een deadline telt de app de dagen waarop je er minstens zoveel schoten mee hebt gelost, in het venster vóór die datum. Geef het wapen de verjaardag van de licentie als deadline (31 december voor een Duitstalige licentie, omdat de telling per kalenderjaar loopt) en stel het venster in op 12 maanden.

Omdat “Sessies per wapen” voor elk wapen met een deadline geldt, past het alleen bij de regels waar één wapen op zichzelf een telling draagt, zoals het wapen van je eerste categorie in de Franse Gemeenschap, 12 per jaar. De Vlaamse 12, en de Franstalige 3 voor je andere categorieën, zijn totalen over al je wapens, en die volgt de “Verenigingseis” beter: over een voortschrijdend venster van een aantal maanden dat je instelt, telt die de dagen waarop je een sessie als clubsessie hebt gemarkeerd; stel die in op 12 over 12 maanden voor het Vlaamse cijfer. Een drempel van 30 schoten past bij de Franstalige schietbeurt met kort wapen of geweer, maar zou een beurt van 25 kleiduiven of van 13 schoten zwart kruit buitensluiten. De app controleert de spreiding over kwartalen niet en telt niet per wapencategorie, dus zijn cijfer is je eigen telling: de schietbeurt die telt, is die welke de regels van je Gemeenschap aanvaarden, in je sportschuttersboekje in Vlaanderen en de Franse Gemeenschap.

Shooter is niet verbonden aan de provinciegouverneurs of aan een schietsportorganisatie. De licentie is de beslissing van je bond, en de vergunning die van de gouverneur.

Veelgestelde vragen

9 vragen

Heb ik in België zowel een sportschutterslicentie als een wapenvergunning nodig?

Voor een wapen op de lijst van sportwapens van de minister, zoals een grendelgeweer van meer dan 60 cm of een .22-sportpistool met vijf schoten, volstaat de licentie (Wapenwet art. 12, 2°; MB 15.03.2007). Voor elk ander vergunningsplichtig vuurwapen, zoals een halfautomatisch centraalvuurpistool, heb je ook de vergunning van de gouverneur nodig, en de licentie bewijst de wettige reden ervoor (KB 29.12.2006, art. 2, 2°).

Hoeveel schietbeurten heb ik per jaar nodig?

Minstens 12, maar elke Gemeenschap telt ze op haar eigen manier. De Vlaamse regel vraagt er 12 op minstens 12 dagen in minstens twee kwartalen; de Franstalige regel 12 voor je eerste categorie over minstens drie kwartalen, plus 3 voor de andere; de Duitstalige regel 12 in elk kalenderjaar (Decreet 11.05.2007, art. 2, 12°; AGCF 13.09.2012, art. 16 § 1; Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 3).

Telt een wedstrijd als schietbeurt?

In de Franse Gemeenschap telt een provinciale, regionale, nationale of internationale wedstrijd als één schietbeurt (Décret 20.12.2011, art. 3). Het Vlaamse decreet telt het schieten met een vergunningsplichtig wapen op een schietstand, in een schietbeurt die een vereniging organiseert (Decreet 11.05.2007, art. 2, 10°), en het Duitstalige decreet oefeningen die een bond of vereniging organiseert (Dekret 20.11.2006, Art. 2 Nr. 3).

Verloopt mijn wapenvergunning na vijf jaar?

Nee. Een vergunning wordt voor onbepaalde tijd verleend, maar elke vijf jaar controleert de gouverneur of je nog aan de voorwaarden ervan voldoet (Wapenwet art. 32). Voor een vergunning die voor het sportschieten is verleend, toon je dan een sportschutterslicentie die geldig is voor het type wapen (KB 29.12.2006, art. 2/1). De Vlaamse en de Franstalige licentie gelden vijf jaar; de Duitstalige wordt elk jaar verlengd.

Kan ik met een voorlopige licentie een wapen kopen?

De voorlopige licentie is om te leren: je schiet met een wapen van de categorie ervan alleen onder toezicht (Decreet 11.05.2007, art. 9 § 4; Dekret 20.11.2006, Art. 5). Het Franstalige decreet zegt uitdrukkelijk dat je er geen vergunningsplichtig wapen mee voorhanden mag hebben (Décret 20.12.2011, art. 7 § 1).

Wat gebeurt er met mijn wapens als ik stop met schieten?

Je stuurt de licentie terug naar de bond. Wapens van de lijst van de minister mag je drie jaar zonder munitie houden; daarna is er een vergunning voor nodig (Wapenwet art. 13). Voor wapens met een vergunning kan de gouverneur de vergunning intrekken zodra de wettige reden vervalt, en de wapens moeten dan naar een erkende persoon, zoals een erkende wapenhandelaar, of naar iemand die ze voorhanden mag hebben (Wapenwet art. 11 § 1 en 18).

Vanaf welke leeftijd mag ik met een vuurwapen schieten?

Vanaf 16 jaar met een licentie in alle drie de Gemeenschappen, en vanaf 14 voor een olympische discipline in de Franse Gemeenschap of een ISSF- of IBU-discipline in de Duitstalige Gemeenschap (Décret 20.12.2011, art. 7 § 2; Dekret 20.11.2006, Art. 6 § 2). Een minderjarige heeft toestemming van de ouders nodig en schiet onder toezicht. Een vergunning is alleen voor meerderjarigen (Wapenwet art. 11 § 3, 1°).

Heb ik een verlof nodig voor een luchtgeweer in België?

Nee. Een luchtgeweer is, zoals elk lang luchtwapen, vrij verkrijgbaar bij elk vermogen: het vraagt geen vergunning of sportschutterslicentie, maar het mag niet worden verkocht aan iemand onder 18, en het dragen ervan vraagt een wettige reden (Wapenwet art. 3 § 2, 1°, art. 9 en art. 19, 2°; KB 30.03.1995, art. 2). Een kort repeterend, halfautomatisch of automatisch luchtpistool, of een kort wapen dat erop lijkt, vraagt de vergunning van de gouverneur als het meer dan 7,5 joule levert op 2,5 m van de loopmonding, tenzij het een 4,5 mm-sportpistool is met hoogstens vijf schoten, een vizierlijn van meer dan 300 mm, verstelbaar vizier en een gewicht van meer dan 1 kg (KB 30.03.1995, art. 3).

Hoeveel kost het?

De leges van de gouverneur zijn bij wet vastgesteld op 85 euro tegen prijzen van 2006 en worden elk jaar geïndexeerd; het kabinet van de gouverneur van Oost-Vlaanderen vraagt € 134,94 per aanvraag, niet terugbetaald bij weigering (Wapenwet art. 51, 53 en 55). De kosten van de licentie zijn een zaak van de bond: in Vlaanderen hoogstens 100 euro voor een licentie van vijf jaar, 50 voor een voorlopige licentie en 50 voor elke proef, geïndexeerd (BVR 01.06.2007, art. 19).

Deze pagina legt de regels uit; het is geen juridisch advies. Elke Gemeenschap legt haar eigen licentieregels vast, en je bond en de gouverneur passen ze toe op jouw geval.

Bronnen: Wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens (Wapenwet), art. 2, 3, 5, 9–13, 15, 18–20, 23, 30–32, 48, 51–55; Wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek I van het Strafwetboek, Strafwetboek art. 36, 53; Koninklijk besluit van 20 september 1991 tot uitvoering van de wapenwet, art. 9bis, 10, 25; Koninklijk besluit van 30 maart 1995 tot indeling van sommige gas- en luchtwapens en tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 september 1991 betreffende de wapens voor wapenrekken, art. 2–4; Koninklijk besluit van 24 april 1997 tot bepaling van de veiligheidsvoorwaarden bij het opslaan, het voorhanden hebben, het vervoer en het verzamelen van vuurwapens, munitie of laders, art. 1, 5, 10–11, 15; Koninklijk besluit van 29 december 2006 tot uitvoering van sommige bepalingen van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens, art. 2, 2/1; Ministerieel besluit van 15 maart 2007 tot bepaling van de lijst van vuurwapens ontworpen voor het sportschieten, waarvoor houders van een sportschutterslicentie vrijgesteld zijn van de vergunningsplicht; Decreet van 11 mei 2007 houdende het statuut van de sportschutter; Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 2007 houdende de uitvoering van het decreet van 11 mei 2007 houdende het statuut van de sportschutter; Décret du 20 décembre 2011 relatif à la pratique du tir sportif; Arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 13 septembre 2012 portant exécution du décret du 20 décembre 2011 relatif à la pratique du tir sportif; Dekret vom 20. November 2006 über das Statut der Sportschützen; Erlass der Regierung vom 23. Mai 2007 zur Ausführung des Dekretes vom 20. November 2006 über das Statut der Sportschützen; Gouverneur Oost-Vlaanderen, Bezitsvergunning voor een vuurwapen (model 4); safe.brussels, Bezit van vuurwapens; FOD Justitie, Vrij verkrijgbare wapens; Gecoördineerde omzendbrief van 25 oktober 2011 betreffende de toepassing van de wettelijke en reglementaire bepalingen inzake wapens, 2.1, 3.1.1, 3.2.2, 3.3.2, 3.3.6, 8.1.1, 10.1; Nieuwe Gemeentewet, art. 119, 135 § 2; Bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, art. 6 § 1, III en XI; Règlement général de police commun aux 19 communes bruxelloises, art. 1, 2, 4, 43.

Op getoetst aan deze bronnen. Een fout gezien? Laat het ons weten.

Houd je activiteitenlogboek bij in Shooter

Shooter telt per wapen de dagen die meetellen, waarschuwt je voordat een periode tekortschiet en exporteert een PDF-logboek waarop je vereniging haar verklaring kan baseren.